Dromen (leren) onthouden

Hoe leer ik mijn dromen (beter) te onthouden ?

De volgende richtlijnen vormen een basis :

  • De slaap voorbereiden: een vast ritme, tijd nemen voor ontspanning en een rustige en donkere slaapkamer zijn enkele randvoorwaarden om meer kans te hebben op het onthouden van je dromen. Verder dien je zware kost, alcohol en koffie voor het slapengaan te mijden.
  • Neem jezelf voor je dromen te herinneren. Doe dit zowel overdag als voor het slapen gaan.
  • Leg een notitieboek of dromendagboek en een pen naast je bed, zodat je deze meteen kunt pakken als je wakker wordt uit een droom. Voordat je naar bed gaat, noteer je kort de intentie om je dromen te onthouden. NB: je kunt je dromen ook inspreken op een memo-recorder o.i.d.
  • Blijf rustig en met gesloten ogen liggen als je ’s nachts of ’s ochtends wakker wordt. Op deze manier herinner je het beste wat je gedroomd hebt, of heb je in ieder geval een grote kans een flard of schim van je droom te herinneren. Keer op ontspannen wijze (en met gesloten ogen) terug naar deze herinnering. Grote kans dat de rest van de droom ook weer bewust wordt.
  • Pak je droomdagboek of memorecorder erbij en schrijf de flarden in woorden of korte zinnen op of spreek ze in. Zo heb je in grote lijnen de droom vastgelegd. Vermijd een teveel aan details. Beschrijf ook wat je voelt/voelde, toen je wakker werd. Geef eventueel een titel aan je droom.

NB: Wie een tijdje heel bewust probeert dromen te onthouden, zal merken dat dit na verloop van tijd steeds beter gaat. Geef het dus niet meteen op als je na een week of een maand nog niet verder bent gekomen dan het noteren van droomflarden of droombeelden. Een droomflard of droombeeld kan trouwens al voldoende zijn om mee aan de slag te gaan. daar is een prachtige oefening voor:

Het schemergebied betreden

Het vermogen om een staat van niet-weten en ontvankelijkheid te bereiken, helpt ons om andere centra van bewustzijn te ervaren en open te staan voor het ondenkbare. Deze instelling, waarbij het ego de controle loslaat en de geest leeg en tegelijkertijd wakker (helder) is, kan tijdens de hypnagoge fase ervaren worden. Dit is de fase tussen waken en slapen. Gedurende deze fase wordt het ego op non-actief gesteld en vindt er een verschuiving van het bewustzijn plaats. Dit tussen-bewustzijn of schemergebied is bewust en tegelijkertijd passief: het neemt waar zonder te analyseren, interpreteren of te oordelen. Het is uitgebreid zonder zich op specifieke objecten te richten of iets te willen. Het bevindt zich in een staat van maximale ontvankelijkheid en vertrouwen, kortom: de ideale staat van zijn om te reflecteren op vorige dromen, herinneringen, droomflarden of een beeld. Ook zonder deze input kun je de oefening doen, je houdt je geest dan zolang mogelijk leeg en ontvankelijk en stelt je open voor nieuwe beelden en sensaties, die zullen opduiken uit je onbewuste.

Dit is een boeiende én uitdagende oefening. Door te trainen wordt de samenwerking met het onbewuste verbeterd en krijgt meer diepgang.

Hoe gaat dit in zijn werk

Het gaat erom zolang mogelijk bewust te blijven tijdens de hypnagoge fase om van daaruit de slaap- of droomstaat bewust te betreden. Je rekt de hypnagoge fase als het ware uit door bewust waar te nemen wat er gebeurt. Dit kan vanuit een open mind, een lege geest of vanuit de input, die je zelf geeft, dus een reeds gedroomde flard of droombeeld uit een vorige droom. Je stelt je vervolgens open voor beelden, sensaties, geluiden en dergelijke. Dit zonder te oordelen, te willen in- of begrijpen, controleren, of labelen. Langzaam maar zeker wordt de droom opgebouwd: het weefsel gaat zich verdichten, contouren worden scherper en je neemt meer details waar.

Het vraagt tijd en geduld om je bewustzijn tijdens de hypnagoge fase wakker en alert te houden. In het begin zul je waarschijnlijk snel in slaap vallen. Houd daar rekening mee. Na verloop van tijd zul je beter in staat zijn om de hypnagoge fase te rekken, terwijl je bewust en alert blijft.

Zie ook:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.